Om alle inhoud te kunnen zien hebt u de actuele versie van Adobe Flash Player nodig.

Home Over mezelf / About me Publicaties / Publications NIEUWS / NEWS Nieuwe pagina 35 Stadhouders Otto v. Habsburg Princely Wedding Monaco RECENSIES / REVIEWS  Deneckere, Leopold I Speet, Het Oranje Boek Hirsch Ballin, De Koning  Spangenberg, Ludwig II Hamer, Sophie Verloop, Jaar aan het hof Woelderink, Thesaurie Aggelen, Kon. Bronbeek Murr, Ludwig I Heuven, Dear old Bones Duggan, Sophia  Hellinga, Geschiedenis Oranje Coppens, Sophie in Weimar Hermans, Wie ben ik De Oranjes Portraits Margrethe II EXPOSITIES/EXHIBITIONS Chapeaux gala-glasberline Winterpaleis FOTO'S / PHOTOS ONLINE MAGAZINE Contact 

Hermans, Wie ben ik

Dorine HermansWie ben ik dat ik dit doen magZes koninklijke inhuldigingen J.M. Meulenhoff, AmsterdamISBN 978-90-290-8731-5312 pages, illustratedpaperback 2011 / EURO 18,95

** D. Hermans - Wie ben ik ...

Hier klikken om de tekst te bewerken

Added 11-10-2011

Hier klikken om de tekst te bewerken

Hier klikken om de tekst te bewerken

Hier klikken om de tekst te bewerken

Op de achterflap van haar jongste boek Wie ben ik dat ik dit doen mag wordt de auteur als volgt gepresenteerd: 'Dorine Hermans schrijft al jaren over het koninklijk huis en is koningshuisdeskundige bij uitstek.' Het eerste deel van die stelling is juist. Mevrouw Hermans schrijft al jaren over het Koninklijk Huis. En schrijven kan ze; Hermans heeft beslist een vlotte pen en ook deze nieuwste publicatie leest lekker weg. Maar dat wil helaas niet zeggen dat haar geschriften proeven van deskundigheid en historische accuratesse zijn. Met enige regelmaat debiteert Hermans van alles en nog wat over de monarchie en haar vertegenwoordigers voor radio en televisie. Zij doet dat steevast met het air van iemand die over bijzondere, om niet te zeggen esoterische kennis over het onderwerp beschikt. Met veel aplomb doet zij de meest krasse beweringen. Maar ook onzin die met grote stelligheid wordt gebracht blijft wel gewoon onzin, natuurlijk. En zelfs degene die nog wegkomt met het uit de nek kletsen, stuit vroeg of laat op bezwaren en problemen bij het op schrift stellen van die beweringen. Al even voorspelbaar als de irritatie die haar boeken tot in de hoogste kringen oproepen, is de reactie van de auteur daarop. Zij reageert geschrokken, verbijsterd en vol onbegrip. Naar eigen zeggen is zij immers ‚historica en geen relmuis’. Het lijkt op de verbazing van iemand die er met genoegen op los sart, treitert en roddelt maar het toch vreemd vindt als de slachtoffers na enige tijd iets terugsnauwen. Waarom wekken de publicaties van Dorine Hermans zoveel ergernis? Ik vermoed dat het de combinatie is van oppervlakkig onderzoek met de gretigheid om desondanks alle roddelpraatjes te verzamelen, te geloven en in het betoog op te nemen. De kritiekloze omarming van de egodocumenten van allerhande criticasters, kwebbelkousen, roddeltantes en kletsmajoors. Het soms uiterst bedenkelijk schuiven met uitspraken, tijden en plaatsen om een bepaalde mening van de auteur te onderbouwen of om iemand in een bedenkelijk daglicht te stellen. Alle subtiele maar daarom niet minder venijnige insinuaties, gelardeerd met hele of halve onwaarheden en verzinsels. Toegegeven: in haar jongste boek maakt Dorine Hermans het minder bont dan in het met partner in crime Daniela Hooghiemstra eind 2007 gepubliceerde 'Voor de troon wordt men niet ongestraft geboren’, al wordt daar een en ander uit gekopieerd. Maar - mede om verkooptechnische redenen - kan het blijkbaar ook deze keer niet helemaal zonder wat ik 'valsigheid in geschrifte’ zou willen noemen. Het grootste venijn zit in de staart. Ene Huub van ’t Hek (jawel, een broer van ...) mag uitvoerig en zonder weerwoord uit de doeken doen ‚hoe zwaar de kroon op Claus’ schouders drukte.’ Deze zogenaamde ‚vertrouweling’ sprak in totaal maar liefst twee keer met de prins, en wel in 1981, voor het blad van Scouting Nederland. Het is overigens bijzonder dat Van 't Hek zoveel jaren later in de gelegenheid was Dorine Hermans te woord te staan, want ik kan me voorstellen dat alle Europese regeringen zich tot hem wenden in deze roerige tijden. Volgens zijn curriculum vitae op internet is hij immers zeer in trek: "Als hersenontginner, als aanjager, als speelse intellectueel, als docent. Omdat hij de werking der systemen als geen ander heeft leren kennen. Politiek, economisch, juridisch, sociaal, religieus. Hij laat zien waar wij vandaan komen en waarnaar wij op weg zijn. Individueel, als bedrijf, als land en als Europese eenheid.’" En toch zo bescheiden gebleven. De ondertitel van het boek luidt Zes koninklijke inhuldigingen en daar gaat het eigenlijk al meteen mis. Sinds 1813 heeft Nederland zes monarchen gehad, maar Willem I is twee keer ingehuldigd, in 1814 als Soeverein Vorst in Amsterdam en in 1815 als Koning der Nederlanden. Hermans lijkt met die tweede inhuldiging niet goed raad te weten en telt alleen de eerste, op 30 maart 1814 in Amsterdam, officieel mee. Tot mijn verrassing kwam ik mijn naam een keer in de tekst van het boek tegen en vermeldt Hermans mij zelfs in haar dankwoord als een van de auteurs van wier werk zij dankbaar gebruik heeft gemaakt. Inderdaad citeert zij veelvuldig uit mijn doctoraalscriptie over de inhuldiging (1989). In de gauwigheid tel ik in het notenapparaat zo’n vijftig verwijzingen naar die scriptie en het zouden er stiekem best meer kunnen zijn, want Hermans’ noot II.70 blijkt een samenvoeging van mijn noten 240 en 241. De verwijzingen zijn keurig en ik zal de eerste zijn om te erkennen dat mijn doctoraalscriptie een schitterend werkstuk is, maar het grote aantal citaten daaruit lijkt mij toch eerder op gemakzucht dan speurzin bij Hermans te duiden. Ik kan mij niet aan de indruk onttrekken dat zij de door mij genoemde bronnen niet zelf heeft nagevorst. Wat erger is: de essentie van wat ik over de inhuldiging betoog lijkt haar te zijn ontgaan of niet te interesseren. In dit verband nog iets merkwaardigs: op pagina 51 laat Dorine Hermans Koning Willem I bij zijn inhuldiging in Brussel zweren: ‚Ik zweer aan den volken des rijks ...’ Ze verwijst daarbij naar een citaat in mijn scriptie, dat gebaseerd is op G.W. Bannier (red.), Grondwetten van Nederland. Zowel Bannier als ik schrijven echter: ‚Ik zweer aan het Nederlandsche Volk ...’ (Grondwet 1815, artikel 53). Hermans heeft de eed van Koning Willem I dus eigenhandig gewijzigd. Bij het lezen van Wie ben ik dat ik dit doen mag heb ik aantekeningen gemaakt. Vrijwel op iedere bladzijde stonden wel een of meer dingen die ik aanvechtbaar acht. Maar ik wil me hier beperken tot enkele opvallende fouten. * Op pagina 9 beweert Hermans dat de grondwet werd voorgelezen bij de inhuldiging in 1814, het zou anderhalf uur hebben geduurd; de voorlezing is echter pas in 1815 ingesteld, op aandrang van het Zuiden; bij de grondwetsherziening van 1848 werd de voorlezing weer afgeschaft.* Pieter van Vollenhoven zou in 1980 ‚de enige Europese royal zonder titel’ zijn geweest (pagina 10). Wat te denken van Mark Phillips, de toenmalige echtgenoot van de Britse Prinses Anne, en de niet-adellijke echtgenoten van prinsessen van Noorwegen, Zweden enz.?* Pagina 13 - Willem I was in 1813 nog geen koning maar soeverein vorst.* Pagina 15 - Willem V overleed niet 'in het verre Engeland' maar in Brunswijk.* Pagina 28 - de eerste echtgenote van Koning Willem I heette volgens Hermans voluit Frederica Wilhelmina; moet zijn Frederica Louise Wilhelmina.* Op pagina 31 vermeldt Hermans ‚Ziesenis die ook paleis Noordeinde had verbouwd’. Dat moest op dat moment (30 maart 1814) nog gebeuren, en duurde uiteindelijk te lang; architect Ziesenis zou in 1815 worden vervangen door Jan de Greef.* Pagina 38: ‚Britse kroonprinses Charlotte’ = Prinses Charlotte van Wales, dochter van de Prins van Wales.* Pagina 40: De latere Willem II was in 1814 nog geen ‚Prince of Orange’ maar ‚Hereditary Prince of Orange’ (Erfprins)* Pagina 41: ‚von Saxen Coburg’ - van Saksen-Coburg (Nl), of Saxe-Coburg (Eng.), von Sachsen Coburg (D)* Pagina 42: ‚linkerhand op het boek met de grondwet’ = niet juist (vorst zwoer niet met hand op de grondwet)* Pagina 43: ‚eed van loyaliteit van de prinsen’? - mij niet bekend.* Pagina 45: ‚onder de ellenlange preek van predikant Petrus Laack’ (die opnieuw anderhalf uur zou hebben geduurd) - moet zijn Ds. Petrus Haack* Pagina 51: Hermans begrijpt kennelijk niet dat er twee verschillende plechtigheden plaatsvonden, de constituering en opening van de Staten-Generaal in het Stadhuis; en vervolgens de inhuldiging op Koningsplein in Brussel (niet ‚het tweede deel van de inhuldiging’);‚nadat de gehate grondwet was voorgelezen’; die voorlezing was een wens van het Zuiden, die ondanks protesten van het Noorden was ingevoerd.* Pagina 53: grondwetsherziening na afscheiding België kwam niet in 1839 maar in 1840 gereed.* Pagina 64: Anna Paulowna werd niet koningin op de inhuldigingsdag (28 november 1840) maar was het sinds de troonsbestijging van haar echtgenoot, Koning Willem II (7 oktober 1840). * Pagina 65: ‚Sinds de dag dat hij in 1814 de Prins van Oranje werd - de titel van de kroonprins der Nederlanden.’ De latere Willem II kreeg de titel Prins van Oranje toen zijn vader de titel Koning der Nederlanden aannam, dwz in maart 1815 ; (de titel kroonprins wordt hier te lande niet officieel gebruikt.) In 1814 was hij nog ‚slechts’ Erfprins* Pagina 80: Prinses Marianne, ‚die getrouwd was met de Pruisische kroonprins Albert’ - Albert was geen kroonprins maar de jongste zoon van Koning Friedrich Wilhelm III van Pruisen.* Pagina 81: Het door Bosscha vermelde commentaar op het militaire karakter van de stoet en op het te paard zitten van Willem II heeft geen betrekking op de intocht in Amsterdam, zoals Hermans meent, maar op de opening van de Staten-Generaal (Prinsjesdag) in Den Haag; Koning Willem II begaf zich telkens te paard naar de vergaderzaal, voor het eerst op 19 oktober 1840 (nog voor zijn inhuldiging op 28 november 1840). * Pagina 86: ‚Net als in 1814 werd de hele grondwet voorgelezen; deze keer deed [de] Secretaris van Staat er anderhalf uur over’ (alweer?) Nogmaals: in 1814 werd de grondwet niet voorgelezen; de voorlezing werd in 1815 in de grondwet opgenomen; in de grondwet van 1840 gehandhaafd en in 1848 afgeschaft. * Pagina 86: ‚legde zijn linkerhand op de grondwet’ - niet juist.* Pagina 86: ‚Daarna zwoeren zijn drie zonen en zijn broer Frederik hem de eed van trouw’ - Waar baseert Hermans dit op?* Pagina 93: Het commentaar betreft de eerste troonrede (19 oktober 1840) van Koning Willem II, niet zijn inhuldigingsrede van 28 november 1840.* Pagina102: ‚dat ze geen koningin meer was’ (Anna Paulowna, na overlijden van Willem II, 1849) - zij behield de titel van koningin tot haar overlijden in 1865.* Pagina 108: hertog van Brunswijck - hertog van Brunswijk.* Pagina 109: Marianne zou zich in 1846 losbandig hebben gedragen ‚op haar landgoed in Voorburg’; de prinses verwierf dat landgoed pas in 1848.* Pagina 114: Prinses Marianne was volgens Hermans ten tijde van de inhuldiging van Koning Willem III (12 mei 1849) 'in Palestina’ - de prinses vertrok uit Nederland in juli 1849, beviel op 30 oktober 1849 van een zoon op Sicilië en trok vervolgens via Egypte naar het Heilige Land.* Pagina 116 - Degenen die in plaats van de eed de belofte aflegden (mogelijk gemaakt bij de grondwetsherziening van 1848) zeiden volgens Hermans: 'Dat zweer ik!’ Dat zeiden ze nu juist niet, maar 'Dat beloof ik!’ Men zweert: ‚Zo waarlijk helpe mij God Almachtig!' OF belooft: ‚Dat beloof ik!’* Pagina 124/125: ‚In 1867 vormden de Luxemburgers een eigen staat’ (neutraliteit internationaal vastgelegd) ,maar na zijn dood zouden de Luxemburgers onmiddellijk een andere groothertog kiezen’ (erfopvolging door hoofd Walramse linie van het Huis Nassau in overeenstemming met Nass. Erbverein)* Pagina 131: ‚Wiwil maakte de bruiloft niet meer mee, hij stierf vlak tevoren.’ - De bruiloft van Willem III vond plaats op 7 januari 1879; Prins Willem (Wiwill) overleed op 11 juni 1879.* Pagina 137: Wilhelmina ‚liet geen traan op de voorste rij in de kerk in Delft’ , bij de begrafenis van Willem III - Wilhelmina woonde die begrafenisdienst niet bij en kon dus niet op de voorste rij zitten.* Pagina 143: Taptoeschandaal uit 1891, ‚waarbij de politie het bezoek van keizer Wilhelm I van Pruisen en zijn vrouw aan Amsterdam bedorven had’ - Duits Keizer Wilhelm I, Koning van Pruisen, overleed in 1888; het betrof het staatsbezoek in 1891 van diens kleinzoon, Keizer Wilhelm II.* Pagina 159: Sacksen-Weimar-Eisenach - Saksen-Weimar-Eisenach.* Pagina 159: Beperking van de troonopvolging tot nakomelingen van Wilhelmina zou volgens Hermans in 1900 wettelijk zijn vastgelegd - werd in werkelijkheid in 1922 bij grondwetsherziening geregeld.* Pagina 160: ‚Wilhelmina’s verjaardag in 1884 door Emma tot nationale feestdag verheven’ - onzin; vanaf 1885 gegroeid vanuit particulier, veelal plaatselijk initiatief; ‚Prinsessedag’ werd in 1891 'Koninginnedag’. * Pagina 180: 1949 ipv 1948.* Pagina 191: 'Op 4 september 1949 was Wilhelmina tot elf uur 's ochtends nog de baas' - 4 september 1948.* Pagina 197: 'Behalve de Oranjes waren ook andere koninklijke families gevlucht naar het vrije Engeland, zoals de Zweedse koning.’ - Zweden was een van de weinige landen die neutraal bleven in de Tweede Wereldoorlog. Koning Gustaf V van Zweden ging dan ook niet naar Engeland. Wel Koning Haakon VII van Noorwegen. (Evenals Koning Peter II van Joegoslavië, Koning George II van Griekenland en Groothertogin Charlotte van Luxemburg.)* Pagina 198: ‚Kroonprins Axel van Denemarken’ - Prins Axel geen kroonprins maar telg uit jongere linie van het Deense koningshuis.* Pagina 202: ‚Armgards anti-Duitse gezindheid zou twintig jaar later de reden zijn dat ze verstek liet gaan bij het huwelijk van Beatrix en de Duitser Claus.’ Niet juist, Prinses Armgard woonde het huwelijk in Amsterdam bij. Pagina 214: ‚Saevis tranquillis in undia’ - Saevis tranquillus in undis.Pagina 217: 'Bij haar moeders abdicatie die ochtend' - abdicatie Wilhelmina 4 september; inhuldiging Juliana 6 september.‚Dit boek is geen wetenschapelijk [sic!] werk’‚ stelt Dorine Hermans bescheiden op pagina 282. Waarvan akte.UPDATE: Zie ook recensie & discussie op publiek recht & politiek: http://www.publiekrechtenpolitiek.nl/boekreview-wie-ben-ik-dat-ik-dit-doen-mag/UPDATE 2: Aanvullingen zijn van harte welkom.


http://www.silberburg.de/index.htm 

Royal history

Books and news about Europe' s Royal FamiliesBoeken en berichten over Europese vorstenhuizen

Arnout van Cruyningen

Hier klikken om de tekst te bewerken

© 2017 Drs. A.J.P.H. van Cruyningen



Hier klikken om de tekst te bewerken